Oorsprong: Europa, wijd verspreid in het Middellandse Zeegebied. Moeilijk te vinden in het struikgewas, omdat deze tak perfect gecamoufleerd is en meestal pas ’s nachts actief wordt.
Voedsel: Braam, roos, eucalyptus, eik, beuk… Dit is een vrij polyfage soort: probeer zoveel mogelijk voedselplanten uit!
Voedsel in het wild: Erica arborea, Prunus sp., Rosa sp., Myrthus communis, Pistacia lentiscus…
Grootte (zonder poten): Vrouwtje 7-10 cm
Voortplanting: Parthenogenetisch in cultuur en gewoonlijk ook in de vrije natuur. Mannetjes kunnen voorkomen door het wegvallen van het tweede X chromosoom (Y chromosoom niet aanwezig).
Incubatietijd eieren: 2-3 maand
Uitkomstpercentage: ongeveer 90% (let op: teveel vocht doet dit percentage drastisch dalen!)
Zorg voor de eieren: Droog en geventileerd houden. Winterrust (diapauze) niet nodig. Ook in het wild gaat de levenscyclus van deze soort heel het jaar door. Al zullen de nimfjes die vlak voor de winter geboren worden pas volwassen worden in de daarop volgende lente. (groei vertraagt)
Tijd tot volwassenheid: 2-3 maand
Verzorging en luchtvochtigheid: Omgevingstemperatuur (16-20°) en normale luchtvochtigheid volstaan. Niet te nat houden en niet teveel sproeien.
Terrarium en ventilatie: Een goed geventileerd terrarium is aan te raden.
Interessante weetjes: Vruchtbare soort, kan 4 ŕ 7 eitjes per dag leggen, wat neerkomt op een totaal van ongeveer 500 tot zelfs 1500 eitjes gedurende het hele volwassen leven.
Zowel nimfen als volwassen dieren kunnen verschillende kleurschakeringen vertonen, gaande van allerlei tinten bruin, grijs, roodbruin tot zelfs felgroen.
Moeilijkheidsgraad van 1 (makkelijk) tot 5 (zeer moeilijk): 2